Alle hoofdstukken

Verkeerstekens, borden & aanwijzingen

Chapter h02_verkeerstekens

Vragen (155)

  1. Laat op de avond komt u in Nijmegen bij een kruispunt waar het verkeerslicht volledig donker is. Er staat geen bord en e
  2. U nadert een kruispunt in Rotterdam. Voor uw rijstrook liggen haaientanden, maar uw verkeerslicht staat op groen. Uw bij
  3. Bij wegwerkzaamheden in Rotterdam-Zuid ligt een witte doorgetrokken streep tussen twee rijstroken. Een herkenbare verkee
  4. Op één rit door Rotterdam komt u de vier situaties hieronder tegen. In welke situaties handelt u juist? (meerdere antwoo
  5. Na een storm bij Enschede is het verkeerslicht op een kruispunt uitgevallen. Er staan geen voorrangsborden en er liggen
  6. Op een kruispunt in Deventer staat voor uw rijrichting het bord voorrangsweg (oranje-witte ruit). Een bestuurder nadert
  7. Een verkeerslicht gaat altijd boven elk verkeersbord, ook als dat bord iets heel anders regelt dan voorrang (zoals een g
  8. Over De rangorde: wie wint als tekens elkaar tegenspreken: welke uitspraak is juist?
  9. Over De rangorde: wie wint als tekens elkaar tegenspreken: welke uitspraak is juist?
  10. Bij groen licht mag u altijd doorrijden, ook als een verkeersregelaar juist een stopgebaar geeft.
  11. Terug naar het kruispunt in Zwolle: het licht staat op rood, de verkeersregelaar gebaart u door te rijden. Wat is juist?
  12. Bij een opstopping op een provinciale weg bij Zwolle stapt een automobilist uit zijn auto. In gewone kleding gaat hij la
  13. U nadert een kruispunt in Deventer. Uw verkeerslicht springt op groen, maar een politieagent in uniform staat op het kru
  14. Bij een basisschool in Zwolle houdt een verkeersbrigadier zijn stopbord omhoog terwijl een groep kinderen oversteekt, en
  15. U nadert in Den Haag een kruising met de tram. Uw verkeerslicht staat op groen. Een begeleider van de tram, zonder polit
  16. Bij de uitrit van een tramremise in Den Haag rijdt een tram de weg op. Een begeleider van de tram staat op de rijbaan me
  17. Op een kruispunt in Utrecht regelt een agent het verkeer, terwijl de verkeerslichten werken en er ook voorrangsborden st
  18. Over Aanwijzingen van bevoegde personen: wie, en welke rang: welke uitspraak is juist?
  19. Alleen bevoegde en als zodanig kenbare ambtenaren, marechaussee, douane of verkeersregelaars zijn bindend.
  20. Over Aanwijzingen van bevoegde personen: wie, en welke rang: welke uitspraak is FOUT?
  21. Over Aanwijzingen van bevoegde personen: wie, en welke rang: welke uitspraak is FOUT?
  22. Bij een spoorwegovergang in Arnhem geeft een begeleider van een tram een stopteken met een rode vlag. Moet u stoppen, oo
  23. Op een smalle weg buiten de bebouwde kom bij Tilburg staat bord F1. Er is geen fietspad en voor u rijdt een bromfietser
  24. Op de A67 bij Venlo passeert u een F3-bord. Achter een langzame vrachtwagen wilt u inhalen — u rijdt zelf een personenau
  25. Op een kruispunt in Enschede staat voor uw rijstrook een rond blauw bord D4 met een witte pijl die naar links wijst. Uw
  26. Op een kruispunt in Hengelo staat voor uw rijstrook een rond blauw bord D6 met twee witte pijlen: één rechtdoor en één r
  27. U rijdt met een bestelbus die alleen voor goederen is ingericht en passeert bij Zwolle bord F3. Boven welke toegestane m
  28. Bij een rotonde in Almelo staat bord D1. Wat verplicht dit bord u te doen?
  29. F1 verbiedt motorvoertuigen om ELKAAR onderling in te halen; bromfietsen zijn geen motorvoertuigen, dus passeren van een
  30. Over Rijrichting en inhaalverbod: D-borden en F-borden: welke uitspraak is FOUT?
  31. Het gebod is het volgen van ÉÉN VAN de rijrichtingen die op het bord zijn aangegeven — beide getoonde pijlen zijn gelijk
  32. Over Rijrichting en inhaalverbod: D-borden en F-borden: welke uitspraak is FOUT?
  33. Over Rijrichting en inhaalverbod: D-borden en F-borden: welke uitspraak is FOUT?
  34. Bij Nijmegen rijdt u in een personenauto achter een trage vrachtwagen, net na een F3-bord. Mag u de vrachtwagen inhalen?
  35. U rijdt een tankwagen met benzine naar Vlaardingen. Voor de tunnel staat een rond bord met een rode rand en een ruitvorm
  36. Op een smalle dorpsweg bij Bergen op Zoom staat bord C6. Een motorrijder en een bestelbusje naderen beiden. Wie mag door
  37. In Hoorn is een straat aan het begin afgesloten met bord C1 (gesloten in beide richtingen), zonder onderbord. Een fietse
  38. Bij Alkmaar nadert u met uw vrachtauto een weg met bord C21 en daarop 15 t. Op uw kentekenbewijs staat een toegestane ma
  39. Hoeveel verschillende C-borden regelen samen lengte, breedte, hoogte en massa (C17, C18, C19, C21 — met een getal op het
  40. Op een brug bij Kampen staat bord C19 met '3,5m'. Wat toetst dit bord?
  41. U fietst door Deventer. Aan het einde van een smalle straat staan aan weerszijden van de inrit twee ronde rode borden me
  42. C17 = lengte; C22 = gesloten voor voertuigen met bepaalde gevaarlijke stoffen, geen afmeting.
  43. Over Geslotenverklaringen C: wie, wat en welk getal wordt geweerd: welke uitspraak is FOUT?
  44. Bij Roosendaal ziet u bord C22 op een viaduct, zonder getal erop. Wat verbiedt dit bord?
  45. U rijdt met de auto over een doorgaande weg de bebouwde kom van Zwolle binnen. Na het plaatsnaambord ziet u geen snelhei
  46. Bij een scherpe bocht op de N-weg bij Vaals hangt een blauw rechthoekig bord met een wit '60' erop. Om welk bord gaat he
  47. Op de A16 bij Dordrecht toont het vaste ronde bord langs de weg '100'; tegelijk toont het matrixbord boven uw rijstrook
  48. In Apeldoorn rijdt u een woonwijk in langs een bord '30' met het woord 'zone' erboven. Twee straten verder slaat u een z
  49. Op de N50 ziet u een rond bord identiek aan het maximumsnelheidsbord, maar met een grijze diagonale streep dwars over he
  50. Bij Eindhoven licht een matrixbord op met een zwarte achtergrond en een wit '90'. Een collega-cursist zegt: 'Zwarte acht
  51. Over Snelheidsborden A: maximum, matrixbord, advies en zone: welke uitspraak is juist?
  52. Over Snelheidsborden A: maximum, matrixbord, advies en zone: welke uitspraak is juist?
  53. A3 = Maximumsnelheid op een elektronisch signaleringsbord (matrixbord); A4 = Adviessnelheid (blauw rechthoekig bord).
  54. Over Snelheidsborden A: maximum, matrixbord, advies en zone: welke uitspraak is FOUT?
  55. Bij Breda toont het vaste ronde bord '100' en tegelijk het matrixbord erboven '80'. U rijdt 90. Wat is waar?
  56. In Leeuwarden nadert u een kruising met een drukke weg. Voor u staat een driehoekig bord met de punt naar beneden en een
  57. Op de N33 bij Veendam nadert u een driehoekig waarschuwingsbord met de code B4. Waar moet u extra op letten?
  58. U rijdt al 12 km over een voorrangsweg (bord B1, de gele ruit). Dan passeert u een bord met de naam van een andere gemee
  59. Bij een kruispunt in Deventer liggen op het wegdek voor u witte driehoeken met de punt naar u toe (haaientanden). Er sta
  60. Hoeveel zijden heeft bord B7 (het STOP-bord), het enige bord met deze vorm in het hele bordensysteem?
  61. Buiten Emmen rijdt u op een voorrangsweg. U passeert bord B2, einde voorrangsweg. Direct daarna komt een kruispunt zonde
  62. Over Voorrangsborden B: voorrangsweg, kijken of stoppen, en welke kant: welke uitspraak is juist?
  63. Haaientanden hebben zelfstandig dezelfde betekenis als B6: voorrang verlenen aan bestuurders op de kruisende weg.
  64. Over Voorrangsborden B: voorrangsweg, kijken of stoppen, en welke kant: welke uitspraak is FOUT?
  65. B6 = verleen voorrang (geen stopgebod), B7 = stop + verleen voorrang.
  66. Bij Meppel ziet u bord B5 aan de rand van de weg. Wat betekent dit precies?
  67. Bij Almere ziet u een driehoekig bord met een trein-silhouet en een balk die een neergelaten slagboom toont. Welke code
  68. Bij Groningen ziet u een driehoekig bord met een schop-symbool. Wat waarschuwt dit bord?
  69. Bij Middelburg ziet u een driehoekig bord met een fiets-silhouet. Stelling: dit bord heeft code J22.
  70. U nadert in Zutphen een druk kruispunt waar bord J8 (gevaarlijk kruispunt) staat. Voorrangsborden, haaientanden en verke
  71. Op de N35 bij Almelo ziet u bord J17 (rijbaanversmalling); er staat geen snelheidsbord bij en er komt een tegenligger aa
  72. Tot en met welk hoogste J-nummer loopt de volledige waarschuwingsbordenlijst in het boek (H14)?
  73. Buiten de bebouwde kom, op een 80 km/u-weg bij Vijlen, ziet u een driehoekig bord met rode rand en een zwarte pijl die n
  74. Over Waarschuwingsborden J: driehoek, geen bevel: welke uitspraak is juist?
  75. J-borden zijn waarschuwingsborden, geen gebod/verbod-borden; J8 waarschuwt alleen, het regelt geen voorrang — die volgt
  76. Bord J10 waarschuwt voor een gevaarlijk kruispunt.
  77. Over Waarschuwingsborden J: driehoek, geen bevel: welke uitspraak is FOUT?
  78. Over Waarschuwingsborden J: driehoek, geen bevel: welke uitspraak is FOUT?
  79. Over Waarschuwingsborden J: driehoek, geen bevel: welke uitspraak is FOUT?
  80. Bij Coevorden ziet u een driehoekig bord met een kruispunt-symbool erop, zonder trein of slagboom. Welke code is dit?
  81. Onder een maximumsnelheidsbord bij Zwolle staat een onderbord met '↑500 m↑'. Hoeveel meter geeft dit onderbord aan?
  82. Bij Deventer begint een smalle dijkweg met bord C1 (gesloten in beide richtingen voor voertuigen). Eronder hangt een ond
  83. Bij Amersfoort is na een aanrijding het bord van een paal verdwenen; alleen het onderbord met een vrachtwagen-silhouet h
  84. Op een provinciale weg bij Kampen ziet u eerst bord J16 (werk in uitvoering) met het onderbord '500 m'. Verderop staat e
  85. In Utrecht staat bij een parkeervak bord E7 met een onderbord: 'ma t/m vr 08-18h za/zo 06-24h'. Het is woensdag 20 uur e
  86. In een woonwijk in Ede staat een parkeerverbodsbord met daaronder een onderbord met alleen een vrachtwagen-silhouet, zon
  87. Over Onderborden: uitleg, beperking, vrijstelling en afstand: welke uitspraak is juist?
  88. Een onderbord met het woord 'uitgezonderd' plus een fietssymbool betekent dat het verkeersbord juist WEL, en alléén, voo
  89. Over Onderborden: uitleg, beperking, vrijstelling en afstand: welke uitspraak is FOUT?
  90. Bij Harderwijk staat een geslotenverklaring met daaronder een onderbord: het woord 'uitgezonderd' plus een fietssymbool.
  91. U nadert bij Haarlem een overweg. Bij het spoor knippert een wit licht; de rode lichten zijn uit. Wat doet u?
  92. Op de A1 bij Apeldoorn verschijnt op het matrixbord boven uw rijstrook een witte pijl die schuin naar links wijst. Daarm
  93. Op de A1 bij Apeldoorn staat het verkeer muurvast. Boven de spitsstrook rechts van u brandt een rood kruis; die strook i
  94. Tijdens een rit door Haarlem en omgeving komt u als taxichauffeur deze bijzondere lichten tegen. Wat geldt er? (Meerdere
  95. U loopt in Tilburg naar een oversteekplaats met voetgangerslichten. Net als u bij de stoeprand bent, begint het groene l
  96. In Groningen rijdt u met een taxi op een busstrook waar taxi's volgens het onderbord mogen rijden. Het tram/buslicht bov
  97. Over Bijzondere lichten: tram/bus, overweg, brug en rijstrook: welke uitspraak is juist?
  98. Bij een overweg betekent een wit knipperlicht dat er gevaar is en u moet stoppen.
  99. Over Bijzondere lichten: tram/bus, overweg, brug en rijstrook: welke uitspraak is juist?
  100. Over Bijzondere lichten: tram/bus, overweg, brug en rijstrook: welke uitspraak is juist?
  101. Tram/buslichten gelden alleen voor trams en lijnbussen; andere voertuigen mogen ze negeren.
  102. Over Bijzondere lichten: tram/bus, overweg, brug en rijstrook: welke uitspraak is FOUT?
  103. Over Bijzondere lichten: tram/bus, overweg, brug en rijstrook: welke uitspraak is FOUT?
  104. Terug op de busbaan in Arnhem: u rijdt daar toegestaan, het tram/buslicht staat op rood. Wat is juist?
  105. Op een kruispunt in Leeuwarden staat u op een strook voor rechtdoor en linksaf. In het verkeerslicht brandt een groene p
  106. Op een kruispunt in Breda knipperen 's nachts alle verkeerslichten geel. Er staan geen voorrangsborden en er zijn geen h
  107. Op een druk kruispunt in Gouda springt uw verkeerslicht op groen. Direct achter het kruispunt staat het verkeer op uw we
  108. U rijdt in Utrecht op de linksafstrook naar een kruispunt met verkeerslichten. Het licht boven uw strook toont een pijl
  109. Bij een kruispunt in Middelburg wilt u met de auto rechtsaf. Het licht met de fietsafbeelding springt op groen, uw eigen
  110. Bij een kruispunt in Zutphen knippert boven de weg een geel licht. Op uw weg liggen haaientanden. Van links nadert een a
  111. Over Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan: welke uitspraak is juist?
  112. Stoppen bij geel is de hoofdregel, MAAR wie het teken zo dicht genaderd is dat stoppen redelijkerwijs niet meer kan, mag
  113. Een verlichte pijl in het verkeerslicht geldt voor alle rijrichtingen op die rijstrook, niet alleen voor de richting die
  114. Over Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan: welke uitspraak is juist?
  115. Over Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan: welke uitspraak is juist?
  116. Over Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan: welke uitspraak is FOUT?
  117. Over Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan: welke uitspraak is FOUT?
  118. Terug op de Oude Delft: het licht springt op geel terwijl u twee meter van de stopstreep bent, 50 km/u. Wat is juist?
  119. In Nieuwegein wilt u even stoppen, zonder te parkeren, om een pakketje af te geven. Langs de stoeprand ligt een gele doo
  120. Bij een school in Zaanstad ligt langs de stoeprand een gele onderbroken streep. U wilt daar kort stoppen om uw kind te l
  121. In Almelo rijdt u een touringcar, geen lijnbus. Rechts ligt een vrije busstrook met het opschrift 'BUS'. Mag u die stroo
  122. Bij Hengelo rijdt u langs wegwerkzaamheden. Tijdelijke gele strepen lopen dwars over de oude witte strepen. Verderop lig
  123. Bij Purmerend staat u op een voorsorteerstrook met pijlen voor rechtdoor. Pas nu ziet u dat u eigenlijk linksaf had gemo
  124. Bij Emmen staat u op een voorsorteerstrook met een pijl linksaf. U wilt eigenlijk rechtdoor, want dat lijkt sneller. Het
  125. Over Bijzondere markeringen: gele strepen, busstroken, blokmarkering, voorsorteren: welke uitspraak is juist?
  126. Over Bijzondere markeringen: gele strepen, busstroken, blokmarkering, voorsorteren: welke uitspraak is juist?
  127. Blokmarkering (verspringende witte blokjes) verbiedt inhalen, net als een doorgetrokken streep.
  128. Over Bijzondere markeringen: gele strepen, busstroken, blokmarkering, voorsorteren: welke uitspraak is juist?
  129. Over Bijzondere markeringen: gele strepen, busstroken, blokmarkering, voorsorteren: welke uitspraak is juist?
  130. Bij wegwerkzaamheden blijft de permanente witte markering gelden naast de tijdelijke gele markering; u moet met allebei
  131. Over Bijzondere markeringen: gele strepen, busstroken, blokmarkering, voorsorteren: welke uitspraak is FOUT?
  132. Terug in Nieuwegein: gele doorgetrokken streep, u stopt even zonder te parkeren om een pakketje af te geven. Wat is juis
  133. Bij een kruispunt in Roosendaal ziet u witte driehoekjes op de weg, zonder bord erbij. Op de kruisende weg nadert van li
  134. Bij Vlissingen nadert u een kruispunt. Op uw weg liggen haaientanden, maar er staat geen bord in de buurt. Klopt het dat
  135. Bij Heerlen nadert u een kruispunt met een stopbord en een stopstreep. U ziet van ver dat de kruisende weg helemaal leeg
  136. In Gouda rijdt u over een straat met twee kruisingen. Bij de eerste liggen op uw weg haaientanden, zonder bord. Bij de t
  137. Bij Alphen aan den Rijn nadert u een kruispunt met een driehoekig voorrangsbord met de punt naar beneden; er ligt geen s
  138. U rijdt bij Hilversum op een brede, drukke straat en wilt rechtdoor over een rustige kruising. Er staan geen borden en e
  139. Ontbreken haaientanden en borden, dan geldt automatisch de hoofdregel: voorrang aan bestuurders van rechts.
  140. Over Haaientanden: voorrang verlenen, geen stopgebod: welke uitspraak is juist?
  141. Haaientanden verplichten een volledige stop, net als bord B7.
  142. Over Haaientanden: voorrang verlenen, geen stopgebod: welke uitspraak is FOUT?
  143. Over Haaientanden: voorrang verlenen, geen stopgebod: welke uitspraak is FOUT?
  144. Terug bij het kruispunt in Roosendaal: haaientanden, geen bord, niemand komt eraan. Wat is juist?
  145. Op een provinciale weg bij Venlo ligt een dubbele middenstreep: aan uw kant onderbroken, aan de overkant doorgetrokken.
  146. Op een provinciale weg bij Venlo ligt een doorgetrokken middenstreep; er staat geen inhaalverbodsbord. Voor u rijdt een
  147. U staat in de file op de A28 bij Assen en wilt de afrit nemen. Vóór de afrit ligt een breed, leeg gearceerd vlak met wit
  148. Op de A12 bij Utrecht is de spitsstrook rechts van uw rijstrook open. Tussen u en de spitsstrook ligt een doorgetrokken
  149. Op de A6 bij Lelystad krijgt uw auto motorpech. Tussen de rechterrijstrook en de vluchtstrook ligt een doorgetrokken str
  150. Bij Hoorn rijdt een lijnbus rechtmatig over een busbaan. Waar die busbaan samenvoegt met de gewone rijbaan, ligt een ver
  151. Het verbod kent twee uitzonderingen: als de streep aan uw eigen kant onderbroken is, of als u ermee een vluchthaven, vlu
  152. Bij een dubbele streep (één doorgetrokken, één onderbroken naast elkaar) telt de lijn aan de verste kant, niet die aan u
  153. Over Doorgetrokken streep: hoofdregel, twee uitzonderingen, en het verdrijvingsvlak: welke uitspraak is FOUT?
  154. Over Doorgetrokken streep: hoofdregel, twee uitzonderingen, en het verdrijvingsvlak: welke uitspraak is FOUT?
  155. Terug bij Venlo: dubbele streep, uw kant onderbroken, de overkant doorgetrokken, u wilt de tractor inhalen. Wat is juist
App