Op een kruispunt in Leeuwarden staat u op een strook voor rechtdoor en linksaf. In het verkeerslicht brandt een groene pijl naar links; het licht voor rechtdoor is rood. Het fietslicht naast u is groen. U wilt rechtdoor. Wat doet u?
U wacht; de groene pijl geldt alleen voor verkeer dat linksaf gaat
U rijdt door; het groen in uw verkeerslicht geldt voor elke richting
U rijdt door; het groene fietslicht naast u geldt ook voor auto's
Uitleg
Niet waar — u volgt een licht dat niet voor u is. Een licht met een fietsafbeelding geldt voor fietsers, bromfietsers op het fietspad en gehandicaptenvoertuigen, niet voor auto's. U volgt uw eigen licht, en dat is voor rechtdoor rood. Boek p.53-55.