In Waalwijk staat u voor een smalle busluis, binnen de bebouwde kom, met daarachter een kortere route naar uw bestemming. Er is op dat moment geen bus in zicht. Wat is de juiste keuze?
Ik rijd om; de busluis is alleen voor bussen, ongeacht of ik er nu doorheen zou passen
Ik rijd de busluis snel in, want er komt toch geen bus aan
Ik rijd de busluis in omdat ik hier buiten de bebouwde kom zou zijn en de regel dan niet geldt
Uitleg
Niet waar — val: verkeerde regel toegepast. De bebouwde-kom-voorwaarde hoort bij de bushalte-regel (Boek p.92), niet bij de busluis (Boek p.93), die overal geldt waar hij is aangelegd.