Over Weven en ritsen: wie laat wie voor, en de 300/50-meterregel: welke uitspraak is FOUT?
Bij het weven laten uitvoegers de invoegers voor laten gaan, omdat uitvoegers toch al van plan zijn de snelweg te verlaten.
Al op ongeveer 300 meter voor de versmalling past u uw snelheid aan aan het aangrenzende verkeer; pas op circa 50 meter voegt u daadwerkelijk in.
De afspraak is dat elke bestuurder op de doorgaande rijstrook telkens ÉÉN bestuurder van de gestremde rijstrook voor laat gaan — niet twee of meer achter elkaar.
Gebruik alle beschikbare ruimte tot de versmalling: op 300 m snelheid aanpassen, pas op circa 50 m daadwerkelijk invoegen.
Uitleg
val: richting van de voorrangsregel omgedraaid. Boek p.153 - omdat invoegers langzamer rijden en meer ruimte en overzicht hebben, is het juist andersom: invoegers laten de uitvoegers voor laten gaan