Theory Mastery

B1 b2 voorrangsweg begin eind

Bord B1 markeert het begin van een voorrangsweg: al het verkeer op zijwegen moet u voor laten gaan totdat bord B2 het einde van die voorrangsweg aangeeft — B2 is dus net zo belangrijk als B1.

Bron: RVV 1990 art. 15 · gecontroleerd 2026-10-23

Zo vraagt het examen het

Over Ongelijkwaardig kruispunt: B6, B7 en de voorrangsweg: welke uitspraak is FOUT?

  1. Bord B1 geldt 'totdat bord B2 het eind van de voorrangsweg aangeeft'.
  2. Bord B6 betekent dat u verplicht bent volledig te stoppen voor het kruispunt.
  3. Bij een kruispunt van een onverharde met een verharde weg verleent de bestuurder op de onverharde weg voorrang aan die op de verharde weg, ook als dat een ruiter is.
  4. Op een kruispunt van een onverharde met een verharde weg verleent de bestuurder op de onverharde weg voorrang aan de bestuurder op de verharde weg, ook als die laatste een ruiter is.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Bord B6 betekent dat u verplicht bent volledig te stoppen voor het kruispunt.

'Als je verplicht bent om te stoppen staat er niet bord B6 maar bord B7.' B6 = voorrang verlenen aan kruisend verkeer zonder verplichte volledige stop; alleen B7 dwingt een stop af

Waarom dit vaak fout gaat: Zodra u bord B1 (voorrangsweg) bent gepasseerd, houdt u voorrang op elk volgend kruispunt tot het einde van de rit.

Open deze vraag

Bord B6 betekent dat u verplicht bent volledig te stoppen voor het kruispunt.

  1. Niet waar
  2. Waar
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Niet waar

'Als je verplicht bent om te stoppen staat er niet bord B6 maar bord B7.' B6 = voorrang verlenen aan kruisend verkeer zonder verplichte volledige stop; alleen B7 dwingt een stop af

Waarom dit vaak fout gaat: Bord B6 betekent dat u verplicht bent volledig te stoppen voor het kruispunt.

Open deze vraag

Op een polderweg bij Stavoren rijdt u op een onverhard pad en nadert een verharde weg zonder enig bord. Een ruiter komt van links over de verharde weg. Wat geldt?

  1. U verleent voorrang aan de ruiter, ook al is die geen auto
  2. U rijdt voor, want u bent eerder op de kruising
Toon het antwoord

Juiste antwoord: U verleent voorrang aan de ruiter, ook al is die geen auto

Onverhard verleent voorrang aan verhard, ook aan een ruiter

Waarom dit vaak fout gaat: Op een kruispunt van een onverharde weg met een verharde weg heeft de bestuurder op de onverharde weg voorrang, omdat die weg lastiger te berijden is.

Open deze vraag

Over Ongelijkwaardig kruispunt: B6, B7 en de voorrangsweg: welke uitspraak is juist?

  1. Een ruiter bestuurt geen voertuig, dus vanaf een onverharde weg hoeft u alleen voertuigen op de verharde weg voorrang te geven, niet een ruiter.
  2. Bord B6 betekent dat u verplicht bent volledig te stoppen voor het kruispunt.
  3. Bord B1 geldt 'totdat bord B2 het eind van de voorrangsweg aangeeft'.
  4. Op een kruispunt van een onverharde weg met een verharde weg heeft de bestuurder op de onverharde weg voorrang, omdat die weg lastiger te berijden is.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Bord B1 geldt 'totdat bord B2 het eind van de voorrangsweg aangeeft'.

Bord B1 geldt 'totdat bord B2 het eind van de voorrangsweg aangeeft'. Voorrang op een voorrangsweg is dus een afgebakend wegvak tussen B1 en B2, geen permanente status

Waarom dit vaak fout gaat: Een ruiter bestuurt geen voertuig, dus vanaf een onverharde weg hoeft u alleen voertuigen op de verharde weg voorrang te geven, niet een ruiter.

Open deze vraag

Over Ongelijkwaardig kruispunt: B6, B7 en de voorrangsweg: welke uitspraak is FOUT?

  1. 'Als je verplicht bent om te stoppen staat er niet bord B6 maar bord B7.' B6 = voorrang verlenen aan kruisend verkeer zonder verplichte volledige stop; alleen B7 dwingt een stop af.
  2. Zodra u bord B1 (voorrangsweg) bent gepasseerd, houdt u voorrang op elk volgend kruispunt tot het einde van de rit.
  3. Op een kruispunt van een onverharde met een verharde weg verleent de bestuurder op de onverharde weg voorrang aan de bestuurder op de verharde weg, ook als die laatste een ruiter is.
  4. Bij een kruispunt van een onverharde met een verharde weg verleent de bestuurder op de onverharde weg voorrang aan die op de verharde weg, ook als dat een ruiter is.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Zodra u bord B1 (voorrangsweg) bent gepasseerd, houdt u voorrang op elk volgend kruispunt tot het einde van de rit.

Bord B1 geldt 'totdat bord B2 het eind van de voorrangsweg aangeeft'. Voorrang op een voorrangsweg is dus een afgebakend wegvak tussen B1 en B2, geen permanente status

Waarom dit vaak fout gaat: Bord B6 betekent dat u verplicht bent volledig te stoppen voor het kruispunt.

Open deze vraag

Waar dit begrip wordt uitgelegd

Verwante begrippen

Begrippen in de buurt

Open in de app