Theory Mastery

Ritsen 300m snelheid aanpassen

Gebruik alle beschikbare ruimte: snelheid aanpassen op 300 m, pas op ongeveer 50 m daadwerkelijk invoegen. Bij ritsen past u op ongeveer 300 meter uw snelheid aan en voegt u pas op circa 50 meter voor de versmalling in

Bron: Rijmanoeuvres · gecontroleerd 2026-10-23

Zo vraagt het examen het

Over Weven en ritsen: wie laat wie voor, en de 300/50-meterregel: welke uitspraak is FOUT?

  1. De afspraak is dat elke bestuurder op de doorgaande rijstrook telkens ÉÉN bestuurder van de gestremde rijstrook voor laat gaan — niet twee of meer achter elkaar.
  2. Gebruik alle beschikbare ruimte tot de versmalling: op 300 m snelheid aanpassen, pas op circa 50 m daadwerkelijk invoegen.
  3. Bij ritsen hoeft u uw snelheid pas aan te passen vlak bij de versmalling zelf; de 300 meter ervoor kunt u gewoon blijven rijden zoals u deed.
  4. Omdat invoegers langzamer rijden en meer ruimte en overzicht hebben, is het juist andersom: invoegers laten de uitvoegers voor laten gaan.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Bij ritsen hoeft u uw snelheid pas aan te passen vlak bij de versmalling zelf; de 300 meter ervoor kunt u gewoon blijven rijden zoals u deed.

Al op ongeveer 300 meter voor de versmalling past u uw snelheid aan aan het aangrenzende verkeer; pas op circa 50 meter voegt u daadwerkelijk in

Waarom dit vaak fout gaat: Bij ritsen mogen meerdere bestuurders van de gestremde rijstrook achter elkaar invoegen voordat het doorgaande verkeer weer aan de beurt is.

Open deze vraag

Al op ongeveer 300 meter voor de versmalling past u uw snelheid aan aan het aangrenzende verkeer; pas op circa 50 meter voegt u daadwerkelijk in.

  1. Niet waar
  2. Waar
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Waar

Al op ongeveer 300 meter voor de versmalling past u uw snelheid aan aan het aangrenzende verkeer; pas op circa 50 meter voegt u daadwerkelijk in

Waarom dit vaak fout gaat: Bij ritsen hoeft u uw snelheid pas aan te passen vlak bij de versmalling zelf; de 300 meter ervoor kunt u gewoon blijven rijden zoals u deed.

Open deze vraag

Over Weven en ritsen: wie laat wie voor, en de 300/50-meterregel: welke uitspraak is juist?

  1. Bij ritsen mag u zo ver mogelijk doorrijden op de eindigende strook en dan pas op het allerlaatste moment ruimte opeisen, zonder dat daar iets mis mee is.
  2. Bij ritsen hoeft u uw snelheid pas aan te passen vlak bij de versmalling zelf; de 300 meter ervoor kunt u gewoon blijven rijden zoals u deed.
  3. De afspraak is dat elke bestuurder op de doorgaande rijstrook telkens ÉÉN bestuurder van de gestremde rijstrook voor laat gaan — niet twee of meer achter elkaar.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: De afspraak is dat elke bestuurder op de doorgaande rijstrook telkens ÉÉN bestuurder van de gestremde rijstrook voor laat gaan — niet twee of meer achter elkaar.

De afspraak is dat elke bestuurder op de doorgaande rijstrook telkens ÉÉN bestuurder van de gestremde rijstrook voor laat gaan — niet twee of meer achter elkaar

Waarom dit vaak fout gaat: Bij ritsen mag u zo ver mogelijk doorrijden op de eindigende strook en dan pas op het allerlaatste moment ruimte opeisen, zonder dat daar iets mis mee is.

Open deze vraag

Over Weven en ritsen: wie laat wie voor, en de 300/50-meterregel: welke uitspraak is FOUT?

  1. Bij ritsen mogen meerdere bestuurders van de gestremde rijstrook achter elkaar invoegen voordat het doorgaande verkeer weer aan de beurt is.
  2. Omdat invoegers langzamer rijden en meer ruimte en overzicht hebben, is het juist andersom: invoegers laten de uitvoegers voor laten gaan.
  3. Gebruik alle beschikbare ruimte tot de versmalling: op 300 m snelheid aanpassen, pas op circa 50 m daadwerkelijk invoegen.
  4. Al op ongeveer 300 meter voor de versmalling past u uw snelheid aan aan het aangrenzende verkeer; pas op circa 50 meter voegt u daadwerkelijk in.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Bij ritsen mogen meerdere bestuurders van de gestremde rijstrook achter elkaar invoegen voordat het doorgaande verkeer weer aan de beurt is.

De afspraak is dat elke bestuurder op de doorgaande rijstrook telkens ÉÉN bestuurder van de gestremde rijstrook voor laat gaan — niet twee of meer achter elkaar

Waarom dit vaak fout gaat: Bij het weven laten uitvoegers de invoegers voor laten gaan, omdat uitvoegers toch al van plan zijn de snelweg te verlaten.

Open deze vraag

Bij Serooskerke ziet u al op ruime afstand dat uw rijstrook eindigt vanwege wegwerkzaamheden. Wat doet u het beste?

  1. Snelheid aanpassen rond 300 m, doorrijden op de eindigende strook, en pas rond 50 m echt invoegen
  2. Meteen invoegen zodra ik het bord zie, ver voor de versmalling
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Snelheid aanpassen rond 300 m, doorrijden op de eindigende strook, en pas rond 50 m echt invoegen

Gebruik alle beschikbare ruimte: snelheid aanpassen op 300 m, pas op ongeveer 50 m daadwerkelijk invoegen

Waarom dit vaak fout gaat: Bij ritsen voegt u het beste zo vroeg mogelijk in, zodra u ziet dat uw rijstrook eindigt.

Open deze vraag

Waar dit begrip wordt uitgelegd

Verwante begrippen

Begrippen in de buurt

Open in de app