Bij Heiloo rijdt u eerst 50 km/u, daarna versnelt u op dezelfde weg naar 100 km/u. U wilt steeds minstens 2 seconden achter uw voorligger blijven. Hoeveel meter is dat ongeveer bij beide snelheden?
- Ongeveer 27,5 m bij 50 km/u en 110 m bij 100 km/u
- ✓ Ongeveer 27,5 m bij 50 km/u en 55 m bij 100 km/u
- Ongeveer 30 m, bij 50 km/u net zo goed als bij 100 km/u
Juiste antwoord: Ongeveer 27,5 m bij 50 km/u en 55 m bij 100 km/u
Uitleg
Niet waar — u laat de afstand vier keer zo groot worden. De 2-secondenafstand is tijd maal snelheid: twee keer zo snel is twee keer zo veel meters, dus 55 m bij 100 km/u, geen 110 m.
Waarom dit vaak fout gaat
- Fout: u laat de afstand vier keer zo groot worden. De 2-secondenafstand is tijd maal snelheid: twee keer zo snel is twee keer zo veel meters, dus 55 m bij 100 km/u, geen 110 m.
- Fout: u gebruikt één vaste afstand voor elke snelheid. 2 seconden is een tijd; hoe sneller u rijdt, hoe meer meters u in die tijd aflegt. Vuistregel: snelheid gedeeld door 2, plus 10%: 27,5 m bij 50 km/u, 55 m bij 100 km/u.
Onderwerp: De 2-secondenregel: vast punt, tellen, formule
Lees de regel: Kern: De 2-secondenregel: vast punt, tellen, formule
Onderdelen
- Uitdaging: De 2-secondenregel: vast punt, tellen, formule
- Het model: De 2-secondenregel: vast punt, tellen, formule
- Kern: De 2-secondenregel: vast punt, tellen, formule
- Waarom dit telt: De 2-secondenregel: vast punt, tellen, formule
- Test jezelf: De 2-secondenregel: vast punt, tellen, formule
- Leg het uit: De 2-secondenregel: vast punt, tellen, formule
- Onthoud: De 2-secondenregel: vast punt, tellen, formule