Uitdaging
'Het is maar één glas' klinkt onschuldig, en dat is precies waarom de CBR-examenmaker het vraagt. Het boek geeft geen vaag gevoel maar twee harde getallen: ~12 ml pure alcohol per standaardglas, en een promillage dat met 0,1 à 0,2 per uur wegzakt — niet sneller, wat u ook probeert.
Lees dit onderdeel apart: Uitdaging: Alcohol achter het stuur: de grens en het glas
Het model
Eén standaardglas ≈ 12 ml pure alcohol ≈ 0,2 à 0,3 promille (Boek p.15) — of het nu bier (250 ml/5%), wijn (100 ml/12%) of whisky (35 ml/35%) is. Het lichaam breekt dat af met 0,1 à 0,2 promille per uur: één glas duurt dus al snel 1,5 uur.
Lees dit onderdeel apart: Het model: Alcohol achter het stuur: de grens en het glas
Kern
De wettelijke grens hangt af van uw rijervaring: een ervaren bestuurder blijft onder 220 microgram per liter adem of 0,5 promille bloed. Een beginnend bestuurder — de eerste 5 jaar na uw eerste rijbewijs, of 7 jaar als u vóór uw 18e al AM of T haalde — zit op de lagere grens van 88 microgram per liter of 0,2 promille. Het boek voegt daar een consumptierekensom aan toe die de wet zelf niet geeft: één standaardglas, ongeacht het type drank, levert ongeveer 12 ml pure alcohol en dus gemiddeld 0,2 à 0,3 promille op. Voor een beginnend bestuurder kan dat ene glas de eigen grens van 0,2 promille dus al raken of overschrijden. Afbouwen gaat met een vast tempo: 0,1 à 0,2 promille per uur. Er bestaat geen versneller — geen koffie, geen koude douche, geen frisse lucht. De afbraak van één glas duurt daardoor al snel anderhalf uur, en de grens geldt niet alleen voor automobilisten: de wet spreekt over de bestuurder van een voertuig, dus ook de fietser.
Lees dit onderdeel apart: Kern: Alcohol achter het stuur: de grens en het glas
Waarom dit telt
Het gevaar van alcohol zit precies in het gevoel van controle dat het wegneemt terwijl u denkt dat u het nog heeft. Een beginnend bestuurder die op basis van een 'ervaren'-vuistregel rijdt, onderschat structureel zijn eigen grens. En wie op klok-trucjes vertrouwt in plaats van gewoon te wachten, rijdt met een promillage dat hoger is dan gedacht — precies het scenario dat de politie langs de weg controleert.
Lees dit onderdeel apart: Waarom dit telt: Alcohol achter het stuur: de grens en het glas
Test jezelf
U bent 19 jaar en behaalde uw rijbewijs B drie jaar geleden. Op het verjaardagsfeest in Zwolle dronk u om acht uur één glas wijn (~0,25 promille). Om half tien, ruim anderhalf uur later, drinkt u een sterke kop koffie en rijdt weg. Wat geldt voor u?
Lees dit onderdeel apart: Test jezelf: Alcohol achter het stuur: de grens en het glas
Bron: WVW 1994 art. 8 · WVW 1994 art. 163 · gecontroleerd 2026-10-22
Veelgestelde vragen
‘Eén standaardglas alcohol drinken maakt voor je rijvaardigheid niets uit — dat proef je niet terug in de meting’ – klopt dat?
Nee. Één standaardglas bevat zo'n 12 ml pure alcohol en levert gemiddeld al 0,2 à 0,3 promille op. Bij een beginnend bestuurder kan dat ene glas de wettelijke grens al overschrijden
‘Een sterke kop koffie of een paar glazen water laten je sneller ontnuchteren dan gewoon wachten’ – klopt dat?
Nee. Het lichaam breekt alcohol af met een vast tempo van 0,1 à 0,2 promille per uur, ongeacht koffie of water. De afbraak van 1 glas duurt dus al snel 1,5 uur; alleen tijd verlaagt het promillage
‘De alcoholgrenzen van de wet gelden alleen voor automobilisten, niet voor fietsers’ – klopt dat?
Nee. De grens geldt voor de bestuurder van een VOERTUIG, en een fiets is een voertuig. Alleen de verlaagde beginnersgrens (0,2 promille) is beperkt tot rijbewijsplichtige motorrijtuigen
‘Een beginnend bestuurder mag net als een ervaren bestuurder tot 0,5 promille blazen’ – klopt dat?
Nee. Een beginnend bestuurder zit op 88 microgram/liter of 0,2 promille, niet 0,5
‘Voor een ervaren bestuurder ligt de ademgrens op 88 microgram per liter’ – klopt dat?
Nee. 220 microgram per liter is de grens voor de ervaren bestuurder; 88 microgram per liter geldt voor de beginnend bestuurder. De twee cijfers zijn omgewisseld