Theory Mastery

Tunnel borden l13 c22 k14

Bij een tunnel informeren drie borden u vooraf: L13 toont de tunnellengte, maar alleen bij tunnels langer dan 250 meter; C22 met een letter geeft aan welke gevaarlijke stoffen niet door mogen; K14 wijst dan de omleidingsroute voor die stoffen

Bron: RVV 1990 art. 32 · gecontroleerd 2026-10-23

Zo vraagt het examen het

Over Brug en tunnel: zijwind, bruglicht, en de tunnel-noodprocedures: welke uitspraak is juist?

  1. Bij het bruglicht hoeft u alleen te stoppen als het rode licht knippert, niet als het continu (vast) rood brandt.
  2. U mag het dimlicht pas aandoen zodra u de tunnel daadwerkelijk inrijdt, niet eerder.
  3. Doordat de wind er ook onderdoor komt, koelt het wegdek van een brug sneller af en bevriest het eerder dan gewone wegen.
  4. Bij brand aan uw eigen auto in een tunnel kunt u het beste omkeren of achteruitrijden naar de dichtstbijzijnde tunnelingang.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Doordat de wind er ook onderdoor komt, koelt het wegdek van een brug sneller af en bevriest het eerder dan gewone wegen.

Doordat de wind er ook onderdoor komt, koelt het wegdek van een brug sneller af en bevriest het eerder dan gewone wegen

Waarom dit vaak fout gaat: Bij het bruglicht hoeft u alleen te stoppen als het rode licht knippert, niet als het continu (vast) rood brandt.

Open deze vraag

Over Brug en tunnel: zijwind, bruglicht, en de tunnel-noodprocedures: welke uitspraak is FOUT?

  1. Het dimlicht moet ruim vóórdat u de tunnel inrijdt aan, juist omdat achterliggers anders kunnen denken dat u remt als het licht pas in de tunnel aangaat.
  2. Bruggen en viaducten worden bij vorst pas glad op hetzelfde moment als de rest van de weg, niet eerder.
  3. 'als dat brandt of gaat knipperen, stop je'. Vast rood en knipperend rood betekenen bij het bruglicht allebei hetzelfde: stoppen.
  4. U steekt nooit de rijbaan over; u loopt langs de tunnelwand in de rijrichting van het verkeer naar de dichtstbijzijnde hulppost aan uw eigen kant.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Bruggen en viaducten worden bij vorst pas glad op hetzelfde moment als de rest van de weg, niet eerder.

Doordat de wind er ook onderdoor komt, koelt het wegdek van een brug sneller af en bevriest het eerder dan gewone wegen

Waarom dit vaak fout gaat: U mag het dimlicht pas aandoen zodra u de tunnel daadwerkelijk inrijdt, niet eerder.

Open deze vraag

Over Brug en tunnel: zijwind, bruglicht, en de tunnel-noodprocedures: welke uitspraak is juist?

  1. 'als dat brandt of gaat knipperen, stop je'. Vast rood en knipperend rood betekenen bij het bruglicht allebei hetzelfde: stoppen.
  2. Bruggen en viaducten worden bij vorst pas glad op hetzelfde moment als de rest van de weg, niet eerder.
  3. Bij pech in een tunnel mag u de rijbaan oversteken als de dichtstbijzijnde hulppost aan de overkant ligt.
  4. Bij brand aan uw eigen auto in een tunnel kunt u het beste omkeren of achteruitrijden naar de dichtstbijzijnde tunnelingang.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: 'als dat brandt of gaat knipperen, stop je'. Vast rood en knipperend rood betekenen bij het bruglicht allebei hetzelfde: stoppen.

'als dat brandt of gaat knipperen, stop je'. Vast rood en knipperend rood betekenen bij het bruglicht allebei hetzelfde: stoppen

Waarom dit vaak fout gaat: Bruggen en viaducten worden bij vorst pas glad op hetzelfde moment als de rest van de weg, niet eerder.

Open deze vraag

Bij het bruglicht hoeft u alleen te stoppen als het rode licht knippert, niet als het continu (vast) rood brandt.

  1. Niet waar
  2. Waar
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Niet waar

'als dat brandt of gaat knipperen, stop je'. Vast rood en knipperend rood betekenen bij het bruglicht allebei hetzelfde: stoppen

Waarom dit vaak fout gaat: Bij het bruglicht hoeft u alleen te stoppen als het rode licht knippert, niet als het continu (vast) rood brandt.

Open deze vraag

In de Kiltunnel krijgt uw auto pech. U kunt niet meer verder rijden. De dichtstbijzijnde hulppost lijkt aan de overkant van de rijbaan te liggen. Wat doet u?

  1. Ik steek de rijbaan over naar de hulppost aan de overkant, want die is dichterbij
  2. Ik parkeer zo ver mogelijk rechts, zet de alarmlichten aan, en loop langs de wand in de rijrichting naar de hulppost aan mijn eigen kant
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Ik parkeer zo ver mogelijk rechts, zet de alarmlichten aan, en loop langs de wand in de rijrichting naar de hulppost aan mijn eigen kant

U steekt nooit de rijbaan over, ook niet als een hulppost aan de overkant dichterbij lijkt

Waarom dit vaak fout gaat: Bij pech in een tunnel mag u de rijbaan oversteken als de dichtstbijzijnde hulppost aan de overkant ligt.

Open deze vraag

Waar dit begrip wordt uitgelegd

Verwante begrippen

Begrippen in de buurt

Open in de app