Op weg naar Oldenzaal stapt u in uw eigen auto, die u gisteren ook reed. Uw broer zegt: 'Die stond gisteren al goed, dat hoef je nu niet te checken.' Wat doet u?
- U rijdt weg; opnieuw afstellen hoort alleen bij een onbekende auto
- ✓ U controleert stoel, hoofdsteun, stuur en spiegels en rijdt dan pas weg
- U kijkt alleen de spiegels na; stoel en stuur verschuiven niet vanzelf
Juiste antwoord: U controleert stoel, hoofdsteun, stuur en spiegels en rijdt dan pas weg
Uitleg
Niet waar — u controleert maar een deel. Vóór elke rit kijkt u of stoel, hoofdsteun, stuur én spiegels goed staan; iemand anders kan ze versteld hebben, ook in uw eigen auto
Waarom dit vaak fout gaat
- Fout — u beperkt de controle tot een onbekende auto. U controleert vóór elke rit of stoel, hoofdsteun, stuur en spiegels goed staan; ook in uw eigen auto kan iets verschoven zijn
- Fout — u controleert maar een deel. Vóór elke rit kijkt u of stoel, hoofdsteun, stuur én spiegels goed staan; iemand anders kan ze versteld hebben, ook in uw eigen auto
Onderwerp: Controle vóór vertrek: stoel, hoofdsteun, stuur, spiegels en gordel
Lees de regel: Kern: Controle vóór vertrek: stoel, hoofdsteun, stuur, spiegels en gordel
Onderdelen
- Uitdaging: Controle vóór vertrek: stoel, hoofdsteun, stuur, spiegels en gordel
- Het model: Controle vóór vertrek: stoel, hoofdsteun, stuur, spiegels en gordel
- Kern: Controle vóór vertrek: stoel, hoofdsteun, stuur, spiegels en gordel
- Waarom dit telt: Controle vóór vertrek: stoel, hoofdsteun, stuur, spiegels en gordel
- Test jezelf: Controle vóór vertrek: stoel, hoofdsteun, stuur, spiegels en gordel
- Leg het uit: Controle vóór vertrek: stoel, hoofdsteun, stuur, spiegels en gordel
- Onthoud: Controle vóór vertrek: stoel, hoofdsteun, stuur, spiegels en gordel