Kern: Eenrichtingswegen, smalle enkelbaanswegen, gescheiden rijbanen en ventwegen
Een eenrichtingsweg mag u maar van één kant inrijden; achteruitrijden en keren zijn verboden, achterwaarts inparkeren niet (Boek p.61-62). Buiten de bebouwde kom vraagt een smalle enkelbaansweg extra aandacht voor de rand: pas op voor een scherpe rijbaankant en/of een lager liggende berm. Raken uw rechterwielen van het wegdek, dan verliest u al snel de controle over uw stuur (Boek p.64). Bij een weg met gescheiden rijbanen — bijvoorbeeld door een middenberm — wijst meestal een bord aan welke rijbaan u moet volgen. Staat er geen bord, dan geldt de terugvalregel: rechts houden, dus de rechter rijbaan volgen (Boek p.66). Een ventweg (ook wel parallelweg genoemd) ligt naast de hoofdrijbaan, herkenbaar aan bord C5. De hoofdweg is voor het snelle, doorgaande verkeer; de ventweg is voor het langzame, lokale verkeer (Boek p.66-67).
Vragen over dit onderdeel
Alle onderdelen van dit onderwerp
- Uitdaging: Eenrichtingswegen, smalle enkelbaanswegen, gescheiden rijbanen en ventwegen
- Het model: Eenrichtingswegen, smalle enkelbaanswegen, gescheiden rijbanen en ventwegen
- Waarom dit telt: Eenrichtingswegen, smalle enkelbaanswegen, gescheiden rijbanen en ventwegen
- Test jezelf: Eenrichtingswegen, smalle enkelbaanswegen, gescheiden rijbanen en ventwegen
- Leg het uit: Eenrichtingswegen, smalle enkelbaanswegen, gescheiden rijbanen en ventwegen
- Onthoud: Eenrichtingswegen, smalle enkelbaanswegen, gescheiden rijbanen en ventwegen