Theory Mastery

RVV 1990 art. 75: geel knipperlicht

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Geel knipperlicht: gevaarlijk punt, met voorzichtigheid rijden; het regelt geen voorrang.

Bron: RVV 1990 art. 75 · gecontroleerd 2026-10-23

Dit artikel staat in het overzicht van wetsartikelen

Zo vraagt het examen het

Over Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan: welke uitspraak is juist?

  1. Bij geel licht moet u altijd stoppen, ook als u het kruispunt al te dicht genaderd bent om nog veilig te kunnen remmen.
  2. Bij groen licht mag u het kruispunt altijd oprijden, ook als het aan de overkant al vol staat met stilstaand verkeer.
  3. Het fietslicht geldt voor fietsers, bromfietsers op een fiets/bromfietspad en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, niet voor het overige verkeer.
  4. Een verlichte pijl in het verkeerslicht geldt voor alle rijrichtingen op die rijstrook, niet alleen voor de richting die de pijl aanwijst.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Het fietslicht geldt voor fietsers, bromfietsers op een fiets/bromfietspad en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, niet voor het overige verkeer.

Het fietslicht geldt voor fietsers, bromfietsers op een fiets/bromfietspad en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, niet voor het overige verkeer. De automobilist volgt zijn eigen licht

Waarom dit vaak fout gaat: Bij geel licht moet u altijd stoppen, ook als u het kruispunt al te dicht genaderd bent om nog veilig te kunnen remmen.

Open deze vraag

Over Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan: welke uitspraak is FOUT?

  1. Bestuurders mogen een kruispunt niet blokkeren, ook niet bij groen.
  2. Een verlichte fietsafbeelding in het verkeerslicht geldt ook voor automobilisten die rechtsaf willen slaan.
  3. Stoppen bij geel is de hoofdregel, MAAR wie het teken zo dicht genaderd is dat stoppen redelijkerwijs niet meer kan, mag doorrijden.
  4. Is een pijl zichtbaar, dan geldt het licht UITSLUITEND voor de door de pijl aangegeven richting.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Een verlichte fietsafbeelding in het verkeerslicht geldt ook voor automobilisten die rechtsaf willen slaan.

Het fietslicht geldt voor fietsers, bromfietsers op een fiets/bromfietspad en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, niet voor het overige verkeer. De automobilist volgt zijn eigen licht

Waarom dit vaak fout gaat: Bij groen licht mag u het kruispunt altijd oprijden, ook als het aan de overkant al vol staat met stilstaand verkeer.

Open deze vraag

Over Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan: welke uitspraak is juist?

  1. Bij groen licht mag u het kruispunt altijd oprijden, ook als het aan de overkant al vol staat met stilstaand verkeer.
  2. Een verlichte pijl in het verkeerslicht geldt voor alle rijrichtingen op die rijstrook, niet alleen voor de richting die de pijl aanwijst.
  3. Een geel knipperlicht betekent alleen: gevaarlijk punt, voorzichtigheid geboden.
  4. Bij geel licht moet u altijd stoppen, ook als u het kruispunt al te dicht genaderd bent om nog veilig te kunnen remmen.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Een geel knipperlicht betekent alleen: gevaarlijk punt, voorzichtigheid geboden.

Een geel knipperlicht betekent alleen: gevaarlijk punt, voorzichtigheid geboden. Het regelt geen voorrang; die volgt uit de borden of de rechts-regel ter plaatse

Waarom dit vaak fout gaat: Bij groen licht mag u het kruispunt altijd oprijden, ook als het aan de overkant al vol staat met stilstaand verkeer.

Open deze vraag

Waar dit wordt uitgelegd

Andere artikelen

Open in de app