Theory Mastery

Op een kruispunt in Leeuwarden staat u op een strook voor rechtdoor en linksaf. In het verkeerslicht brandt een groene pijl naar links; het licht voor rechtdoor is rood. Het fietslicht naast u is groen. U wilt rechtdoor. Wat doet u?

  1. ✓ U wacht; de groene pijl geldt alleen voor verkeer dat linksaf gaat
  2. U rijdt door; het groen in uw verkeerslicht geldt voor elke richting
  3. U rijdt door; het groene fietslicht naast u geldt ook voor auto's

Juiste antwoord: U wacht; de groene pijl geldt alleen voor verkeer dat linksaf gaat

Uitleg

Niet waar — u volgt een licht dat niet voor u is. Een licht met een fietsafbeelding geldt voor fietsers, bromfietsers op het fietspad en gehandicaptenvoertuigen, niet voor auto's. U volgt uw eigen licht, en dat is voor rechtdoor rood.

Waarom dit vaak fout gaat

Onderwerp: Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan

Lees de regel: Kern: Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan

Onderdelen

Begrippen

Verwante vragen

Verwante onderwerpen

Open in de app