Kern: Rechts houden, rijbaanversmalling (F5/F6) en obstakels
De basis: u moet zoveel mogelijk rechts houden, maar niet te dicht bij het trottoir of de berm rijden. Is de weg te smal voor u en een tegenligger, dan wijken jullie allebei uit (Boek p.60). Bij een rijbaanversmalling regelen de borden F5-F6 meestal wie er eerst mag: rijdt u richting de rode pijl, dan stopt u; rijdt u richting de witte pijl, dan stopt uw tegenligger. Deze borden gelden alleen tussen bestuurders onderling, niet ten opzichte van bijvoorbeeld voetgangers (Boek p.60). Staat er geen bord, dan geldt voor een obstakel dezelfde basislogica zonder pijl: bij onvoldoende ruimte moet stoppen wie het obstakel op zijn eigen weghelft heeft. Staat het obstakel op de weghelft van uw tegenligger, dan stopt die tegenligger — niet u (Boek p.61).
Vragen over dit onderdeel
Alle onderdelen van dit onderwerp
- Uitdaging: Rechts houden, rijbaanversmalling (F5/F6) en obstakels
- Het model: Rechts houden, rijbaanversmalling (F5/F6) en obstakels
- Waarom dit telt: Rechts houden, rijbaanversmalling (F5/F6) en obstakels
- Test jezelf: Rechts houden, rijbaanversmalling (F5/F6) en obstakels
- Leg het uit: Rechts houden, rijbaanversmalling (F5/F6) en obstakels
- Onthoud: Rechts houden, rijbaanversmalling (F5/F6) en obstakels