Kern: Wegcategorieën: stroom-, ontsluitings- en erftoegangswegen
Stroomwegen zijn bedoeld om het verkeer zo snel mogelijk te laten doorstromen; de meeste autowegen en autosnelwegen zijn aangeduid als stroomweg (Boek p.81). Een stroomweg hoeft geen autosnelweg te zijn: ook een autoweg kan als stroomweg zijn ingericht — dan zijn de rijrichtingen niet door een berm gescheiden maar door dubbele doorgetrokken strepen met een groene vulling, met een maximumsnelheid van 100 km/u en ongelijkvloerse kruispunten. Gebiedsontsluitingswegen hebben gelijkvloerse kruisingen en zijn bedoeld om landelijk of stedelijk gebied te ontsluiten; binnen de bebouwde kom is de snelheid 50 km/u of 70 km/u, buiten de bebouwde kom 80 km/u (Boek p.81). Erftoegangswegen zijn wegen met gemengd langzaam en gemotoriseerd verkeer, zonder rijrichtingscheiding en meestal zonder gescheiden fietspaden (Boek p.81) — dit zijn de meeste straten in een woonwijk of op het platteland waar u een erf of perceel rechtstreeks bereikt. Deze drie categorieën horen bij het 'Duurzaam Veilig'-programma: door wegen consequent naar hun functie in te richten, is voor u als bestuurder herkenbaar welk gedrag bij welke weg hoort. Het boek is daarin stellig: als bestuurder moet u op elk van de drie categorieën wegen het juiste gedrag vertonen — niet alleen op de snelste.
Vragen over dit onderdeel
Alle onderdelen van dit onderwerp
- Uitdaging: Wegcategorieën: stroom-, ontsluitings- en erftoegangswegen
- Het model: Wegcategorieën: stroom-, ontsluitings- en erftoegangswegen
- Waarom dit telt: Wegcategorieën: stroom-, ontsluitings- en erftoegangswegen
- Test jezelf: Wegcategorieën: stroom-, ontsluitings- en erftoegangswegen
- Leg het uit: Wegcategorieën: stroom-, ontsluitings- en erftoegangswegen
- Onthoud: Wegcategorieën: stroom-, ontsluitings- en erftoegangswegen