Theory Mastery

RVV 1990 art. 14: kruispunt niet blokkeren

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Bestuurders mogen een kruispunt niet blokkeren: rij niet op als u er niet overheen kunt, ook niet bij groen of met voorrang.

Bron: RVV 1990 art. 14 · gecontroleerd 2026-10-23

Dit artikel staat in het overzicht van wetsartikelen

Zo vraagt het examen het

Over Kruispunt niet blokkeren — ook met voorrang: welke uitspraken zijn juist? (meerdere antwoorden mogelijk)

  1. Moet u een voorrangsvoertuig (blauw zwaai- of flitslicht en tweetonige hoorn) laten voorgaan, dan mag u wél op het kruispunt komen of stilstaan als dat nodig is om ruimte te maken.
  2. Ook wie op een voorrangsweg linksaf wil en op tegemoetkomend verkeer wacht, moet vóór het kruispunt blijven staan.
  3. De regel geldt voor iedereen die het kruispunt oprijdt, ook bij groen licht: staat de overkant vast, dan houdt u de doorgang vrij en wacht u ervoor.
  4. Staat het verkeer achter het kruispunt vast, dan mag u het kruispunt half oprijden en daar wachten.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Moet u een voorrangsvoertuig (blauw zwaai- of flitslicht en tweetonige hoorn) laten voorgaan, dan mag u wél op het kruispunt komen of stilstaan als dat nodig is om ruimte te maken.; De regel geldt voor iedereen die het kruispunt oprijdt, ook bij groen licht: staat de overkant vast, dan houdt u de doorgang vrij en wacht u ervoor.

Ook half op het kruispunt wachten blokkeert het kruisende verkeer — wacht ervoor, niet erop

Waarom dit vaak fout gaat: Ook wie op een voorrangsweg linksaf wil en op tegemoetkomend verkeer wacht, moet vóór het kruispunt blijven staan.

Open deze vraag

Over Het driekleurige verkeerslicht: groen, geel, rood — en de grenzen ervan: welke uitspraak is juist?

  1. Bij geel licht moet u altijd stoppen, ook als u het kruispunt al te dicht genaderd bent om nog veilig te kunnen remmen.
  2. Bij groen licht mag u het kruispunt altijd oprijden, ook als het aan de overkant al vol staat met stilstaand verkeer.
  3. Het fietslicht geldt voor fietsers, bromfietsers op een fiets/bromfietspad en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, niet voor het overige verkeer.
  4. Een verlichte pijl in het verkeerslicht geldt voor alle rijrichtingen op die rijstrook, niet alleen voor de richting die de pijl aanwijst.
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Het fietslicht geldt voor fietsers, bromfietsers op een fiets/bromfietspad en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, niet voor het overige verkeer.

Het fietslicht geldt voor fietsers, bromfietsers op een fiets/bromfietspad en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, niet voor het overige verkeer. De automobilist volgt zijn eigen licht

Waarom dit vaak fout gaat: Bij geel licht moet u altijd stoppen, ook als u het kruispunt al te dicht genaderd bent om nog veilig te kunnen remmen.

Open deze vraag

Op een kruispunt in Schoonhoven heeft u groen licht en voorrang op het kruisende verkeer. Vlak na het kruispunt staat het verkeer muurvast, geen ruimte om door te rijden. Wat doet u?

  1. Ik rijd door, want ik heb groen licht en voorrang
  2. Ik rijd door, het blokkeer-verbod geldt alleen bij een rood licht
  3. Ik wacht voor het kruispunt tot er weer ruimte is om door te rijden
Toon het antwoord

Juiste antwoord: Ik wacht voor het kruispunt tot er weer ruimte is om door te rijden

Het blokkeer-verbod staat los van voorrang: staat de overkant vast, dan wacht u ervoor

Waarom dit vaak fout gaat: Als u voorrang heeft op het kruisende verkeer, mag u het kruispunt altijd oprijden, ook als de andere kant vaststaat.

Open deze vraag

Waar dit wordt uitgelegd

Andere artikelen

Open in de app