Theory Mastery

RVV 1990 art. 49: voetgangers voor laten gaan

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Bestuurders laten blinden met witte stok en wie zich moeilijk voortbeweegt voorgaan, en voetgangers die op een zebrapad oversteken of dat kennelijk gaan doen.

Bron: RVV 1990 art. 49 · gecontroleerd 2026-10-23

Zo vraagt het examen het

Bij een zebrapad staat een voetganger die wil oversteken. In welke van deze situaties hoeft de naderende bestuurder hem niet voor te laten gaan? Kies alle juiste.

  1. Het zebrapad ligt in een schoolzone met 30 km/u
  2. De bestuurder rijdt mee in een militaire colonne
  3. Het regent en is schemerig, dus remmen is lastiger
  4. Het voetgangerslicht staat voor de voetganger op rood
  5. De bestuurder rijdt mee in een uitvaartstoet
Toon het antwoord

Juiste antwoord: De bestuurder rijdt mee in een militaire colonne; Het voetgangerslicht staat voor de voetganger op rood; De bestuurder rijdt mee in een uitvaartstoet

Niet waar — slecht weer is geen uitzondering. De voetganger houdt voorrang; regen en schemer betekenen juist eerder en rustiger afremmen. (VekaBest p.127-128 (8.1 Kwetsbare weggebruikers); RVV 1990 art. 49 lid 2)

Waarom dit vaak fout gaat: In een schoolzone met 30 km/u geldt de voorrang van de voetganger op het zebrapad niet, omdat iedereen daar al langzaam rijdt.

Open deze vraag

Bij Gulpen nadert vanaf links een militaire colonne. Het eerste voertuig (blauwe vlag) is nog niet bij het kruispunt waar u wilt oversteken. Wat geldt?

  1. De colonne heeft hoe dan ook voorrang, ongeacht de gewone regels
  2. Ik mag niet oversteken, want er is een colonne op komst
  3. De gewone voorrangsregels van dit kruispunt bepalen wie voorgaat
Toon het antwoord

Juiste antwoord: De gewone voorrangsregels van dit kruispunt bepalen wie voorgaat

Waarom dit vaak fout gaat: Een naderende militaire colonne heeft hoe dan ook voorrang, ook als het eerste voertuig het kruispunt nog niet heeft bereikt.

Open deze vraag

U rijdt in Den Haag rechtdoor over een voorrangsweg (gele ruit). Van rechts nadert een tram uit een zijstraat met haaientanden; hij wil uw weg oversteken. Wie gaat er voor?

  1. U gaat voor; de tram uit de zijstraat moet u laten passeren
  2. De tram gaat voor, omdat verkeer van rechts hier voorgaat
  3. De tram gaat voor, omdat een tram voorrang heeft op auto's
Toon het antwoord

Juiste antwoord: U gaat voor; de tram uit de zijstraat moet u laten passeren

Niet waar — een tram heeft niet overal voorrang. Op een voorrangsweg gelden de gewone regels; de tram uit de zijstraat met haaientanden moet u voorlaten. De haaientanden gaan hier boven de tramregels

Waarom dit vaak fout gaat: Bij een gelijkwaardig kruispunt geldt voor de tram gewoon de rechts-regel: komt hij niet van rechts, dan heeft hij geen voorrang.

Open deze vraag

Waar dit wordt uitgelegd

Borden bij dit artikel

Andere artikelen

Open in de app