Uitdaging
Elk licht klinkt als 'gewoon verplicht' — en daar rekent de CBR-examenmaker op. In werkelijkheid staan drie kleuren altijd vast (rood achter, wit voor, oranje zij), maar drie lichten hangen elk aan een eigen drempel: breedte 1,60 m, gewicht 750 kg, lengte/breedte 6 m of 2,10 m. Wie die drempels door elkaar haalt, trapt in elke 'moet dat er niet op?'-val. Zodra u weet welk licht bij welke voorwaarde hoort, prikt u er dwars doorheen.
Lees dit onderdeel apart: Uitdaging: Verlichting en reflectie van de aanhangwagen
Het model
Altijd: 2 rode achterlichten, 2 rode remlichten, 2 richtingaanwijzers, kentekenplaatverlichting en 1 rood mistachterlicht. Reflectie: rood achter (driehoekig), wit voor, oranje op elke zijkant. Voorwaardelijk: stadslichten alleen >1,60 m breed, achteruitrijlicht alleen >750 kg, markeringslichten alleen >6 m lang of >2,10 m breed (Boek p.232).
Lees dit onderdeel apart: Het model: Verlichting en reflectie van de aanhangwagen
Kern
Elke aanhangwagen heeft minimaal kentekenplaatverlichting, 2 rode achterlichten, 2 rode remlichten en 2 rode of oranje richtingaanwijzers aan de achterkant (Boek p.232). De reflectie ligt vast op kleur én plaats: 2 rode driehoekige reflectoren achter, 2 witte retroreflectoren voor, oranje retroreflectoren op elke zijkant. Onthoud: rood achter, wit voor, oranje zij. Eén rood mistachterlicht is altijd verplicht op de aanhangwagen zelf — het staat gewoon in de minimale uitrustingseisen (Boek p.232). De enige uitzondering is als het trekkende voertuig zelf geen mistachterlicht heeft; een registratiedatum als '31 december 1997' hoort niet bij de aanhangwagen zelf. Drie lichten zijn wél voorwaardelijk, elk met een eigen drempel: - 2 witte stadslichten aan de voorkant, alleen als de aanhangwagen breder is dan 1,60 meter. - 1 wit of geel achteruitrijlicht, alleen als de toegestane maximummassa meer dan 750 kg is. - Extra markeringslichten, alleen als de aanhangwagen langer is dan 6 meter en/of breder dan 2,10 meter. Haal die drie drempels niet door elkaar: de 1,60 m-breedte hoort bij de stadslichten, niet bij het achteruitrijlicht, dat aan de 750 kg hangt. Twee aandachtspunten: de verlichting van de aanhangwagen moet gelijktijdig branden met die van de trekkende auto (geen onafhankelijk systeem), en het aanbrengen van extra verlichting is in veel gevallen verboden — controleer dat vooraf. De banden moeten minimaal 1,6 mm profiel hebben.
Lees dit onderdeel apart: Kern: Verlichting en reflectie van de aanhangwagen
Waarom dit telt
Verlichting en reflectie zijn hoe andere weggebruikers uw aanhangwagen in het donker lezen. Rood achter zegt 'einde van de combinatie', wit voor en oranje op de zij tekenen de omvang. Op een provinciale weg in natte sneeuw, waar zicht en wegdek allebei tegenzitten, moet een tegenligger meteen zien waar uw aanhanger ophoudt. Draaien de aanhangerlichten niet gelijktijdig met de auto mee, dan mist de achterligger uw remmen en richtingaanwijzers precies wanneer het telt. De voorwaardelijke lichten volgen de maat van de aanhanger: hoe breder, zwaarder of langer, hoe meer een ander moet kunnen zien.
Lees dit onderdeel apart: Waarom dit telt: Verlichting en reflectie van de aanhangwagen
Test jezelf
In het drukke strandverkeer bij Zandvoort, laat in de middag, controleert u een smalle bagage-aanhanger (1,20 m breed, toegestane maximummassa 500 kg) voordat u de kustweg op rijdt. Uw passagier vraagt: 'Moeten daar geen stadslichten en een achteruitrijlicht op?'
Toon het antwoord
Altijd: 2 rode achterlichten, 2 rode remlichten, 2 richtingaanwijzers, kentekenplaatverlichting en 1 rood mistachterlicht. Reflectie: rood achter (driehoekig), wit voor, oranje op elke zijkant. Voorwaardelijk: stadslichten alleen >1,60 m breed, achteruitrijlicht alleen >750 kg, markeringslichten alleen >6 m lang of >2,10 m breed (Boek p.232).
Veelgestelde vragen
‘Een aanhangwagen heeft alleen een mistachterlicht nodig als hij na 31 december 1997 in gebruik is genomen’ – klopt dat?
Nee. Deze aanhangwagen zelf moet altijd een mistachterlicht hebben. De enige uitzondering is als het TREKKENDE voertuig zelf geen mistachterlicht heeft. De wet kent voor oudere zware aanhangwagens wel een datumnuance, maar het examen volgt het boek: behandel het mistachterlicht altijd als verplicht.
‘De witte retroreflectoren van een aanhangwagen horen aan de achterkant’ – klopt dat?
Nee. Witte retroreflectoren horen aan de VOORKANT; aan de achterkant zitten rode driehoekige reflectoren. Rood achter, wit voor.
‘De rode driehoekige reflectoren van een aanhangwagen horen aan de voorkant’ – klopt dat?
Nee. De rode DRIEHOEKIGE reflectoren horen juist ACHTER; aan de voorkant zitten witte (niet-driehoekige) retroreflectoren.
‘De oranje retroreflectoren van een aanhangwagen horen aan de voorkant’ – klopt dat?
Nee. Oranje retroreflectoren horen op ELKE ZIJKANT; aan de voorkant zitten witte retroreflectoren.
‘Elke aanhangwagen moet stadslichten aan de voorkant hebben’ – klopt dat?
Nee. Witte stadslichten aan de voorkant zijn alleen verplicht als de aanhangwagen breder is dan 1,60 meter. Onder die breedte niet.