Uitdaging
Bij de grensovergang Bad Nieuweschans controleert de Duitse politie steekproefsgewijs aanhangwagens. Twee cijfers regelen bijna alles aan koppeling en kenteken van een aanhangwagen: 1.500 kg en 750 kg. De meeste bestuurders kennen er hoogstens één, en verwarren bovendien welke veiligheidsvoorziening bij welk gewicht hoort. Jij leert zo beide grenzen feilloos uit elkaar houden.
Lees dit onderdeel apart: Uitdaging: Koppeling en kenteken van de aanhangwagen
Het model
KOPPELING (boek p.231): t/m 1.500 kg mag de aanhangwagen een losbreekreminrichting Óf een hulpkoppeling hebben; boven 1.500 kg is een losbreekreminrichting verplicht — nooit beide tegelijk. KENTEKEN (boek p.231): t/m 750 kg krijgt de aanhanger een witte plaat met hetzelfde kenteken als de trekkende auto; boven 750 kg krijgt de aanhanger een eigen kentekenbewijs met een gele plaat en een eigen kenteken.
Lees dit onderdeel apart: Het model: Koppeling en kenteken van de aanhangwagen
Kern
De koppeling zelf moet altijd een goedkeuringsmerk hebben en deugdelijk bevestigd zijn, niet ernstig beschadigd, verbogen of verroest (boek p.231) — dit geldt ongeacht het gewicht of welke voorziening u kiest. Daarna splitst het op gewicht: een ONGEREMDE aanhanger t/m 1.500 kg mag varen op een hulpkoppeling (een stalen kabel die bij loskoppelen de handrem van de aanhanger activeert) óf een losbreekreminrichting; boven 1.500 kg moet de aanhanger een losbreekreminrichting hebben. De twee voorzieningen werken tegengesteld en mogen daarom nooit samen voorkomen. Voor het kenteken telt de toegestane maximummassa van de aanhangwagen zelf: t/m 750 kg (ook fietsendragers die de kentekenplaat van de auto onttrekken aan het zicht) krijgen een witte plaat met hetzelfde kenteken als de trekkende auto; boven 750 kg heeft de aanhanger een eigen kentekenbewijs met een gele plaat met een eigen kenteken. Voor het wegrijden controleert u nog één ding: of de verlichtingskabel en de losbreekreminrichting of hulpkoppeling zo bevestigd zijn dat de aanhangwagen vrijelijk — tot een hoek van 90 graden — kan draaien ten opzichte van de auto (boek p.232).
Lees dit onderdeel apart: Kern: Koppeling en kenteken van de aanhangwagen
Waarom dit telt
Een verkeerde koppelingskeuze is levensgevaarlijk: raakt de aanhanger los tijdens het rijden, dan moet die automatisch afremmen — zonder werkende losbreekrem of hulpkoppeling schiet een losgeraakte aanhanger ongeremd de weg op. Een verkeerd kenteken maakt handhaving onmogelijk: bij schade moet vaststaan van wie de aanhanger is, en dat loopt via het juiste kentekenbewijs en de juiste plaatkleur.
Lees dit onderdeel apart: Waarom dit telt: Koppeling en kenteken van de aanhangwagen
Test jezelf
Op de outletmarkt van Bataviastad in Lelystad koopt u een tweedehands boottrailer met een toegestane maximummassa van 1.700 kg. De verkoper zegt dat er een prima werkende hulpkoppeling op zit, verder niets. Mag u er zo mee de weg op?
Lees dit onderdeel apart: Test jezelf: Koppeling en kenteken van de aanhangwagen
Leg het uit
Leg in uw eigen woorden uit: bij welk gewicht mag u kiezen tussen losbreekrem en hulpkoppeling, wanneer moet het per se een losbreekrem zijn, en welke plaatkleur hoort bij welk gewicht?
Lees dit onderdeel apart: Leg het uit: Koppeling en kenteken van de aanhangwagen
Veelgestelde vragen
‘Een aanhangwagen mag voor extra veiligheid zowel een losbreekreminrichting als een hulpkoppeling hebben’ – klopt dat?
Nee. Aanhangwagens met een losbreekreminrichting mogen NIET tevens een hulpkoppeling hebben; de twee werken tegengesteld (boek p.231) en het combineren is een afkeurpunt, geen extra veiligheid.
‘Een hulpkoppeling is bij elke aanhangwagen een geldig alternatief voor een losbreekreminrichting, ongeacht het gewicht’ – klopt dat?
Nee. De keuze (losbreekreminrichting Óf hulpkoppeling) geldt alleen t/m 1.500 kg; boven 1.500 kg is een losbreekreminrichting verplicht en volstaat een hulpkoppeling niet.
‘Een lichte aanhanger (t/m 750 kg) krijgt een gele plaat met eigen kenteken; een zware aanhanger (boven 750 kg) krijgt een witte plaat met het kenteken van de auto’ – klopt dat?
Nee. Het is precies andersom. T/m 750 kg: witte plaat met het kenteken van de trekkende auto. Boven 750 kg: eigen kentekenbewijs met een gele plaat en een eigen kenteken.
‘Een fietsendrager die aan de achterzijde van de auto is gemonteerd, hoeft geen eigen kentekenplaat te voeren omdat het geen echte aanhangwagen is’ – klopt dat?
Nee. Dezelfde t/m 750 kg-regel geldt ook voor fietsdragers die de kentekenplaat van de auto aan het zicht onttrekken. Zij krijgen een witte plaat met hetzelfde kenteken als de auto.
‘Onder de 1.500 kg met een werkende hulpkoppeling hoeft de koppeling zelf geen goedkeuringsmerk te hebben’ – klopt dat?
Nee. De koppeling van elke aanhangwagen moet altijd een goedkeuringsmerk hebben en deugdelijk bevestigd zijn, ongeacht het gewicht of welke rem-voorziening is gekozen.