Het model
B1 (gele ruit) = voorrangsweg, geldig tot bord B2 (einde voorrangsweg). B6 (rode driehoek) = voorrang verlenen — kijken en inschatten, geen stopplicht. B7 (rode achthoek) = STOP + voorrang verlenen — volledig stoppen is hier verplicht. En de richting: B4 = zijweg LINKS, B5 = zijweg RECHTS (Boek p.238) — niet andersom.
Lees dit onderdeel apart: Het model: Voorrangsborden B: voorrangsweg, kijken of stoppen, en welke kant
Kern
De categorie B-borden (Boek p.238) regelt wie op een kruispunt voorrang heeft, en hoe streng. B1 markeert een voorrangsweg: op elk kruispunt langs die weg heeft u voorrang, totdat bord B2 die status opheft — de status hangt dus aan het bord, niet aan een gemeentegrens of tijdsduur. B3 kondigt simpelweg een voorrangskruispunt aan zonder verdere richting; B4 en B5 doen dat specifieker, met een pijl-symbool dat toont vanaf welke kant de zijweg invoegt: B4 van links, B5 van rechts (Boek p.238 bevestigt dit woord-voor-woord). B6 en B7 lijken op elkaar — beide rood, beide 'voorrang verlenen aan bestuurders op de kruisende weg' — maar verschillen scherp in verplichting. B6, de rode omgekeerde driehoek, vraagt u te kijken, in te schatten en door te rijden zodra het veilig kan; er is geen stopstreep. B7, de rode achthoek (het enige achthoekige bord in het hele systeem), voegt daar een harde stopplicht aan toe: u moet voor de stopstreep tot stilstand komen, ook als de weg leeg lijkt. Haaientanden op het wegdek zijn geen decoratie bij een B6-bord: ze hebben zelfstandig exact dezelfde juridische betekenis — voorrang verlenen aan bestuurders op de kruisende weg — ook zonder een apart bord ernaast.
Lees dit onderdeel apart: Kern: Voorrangsborden B: voorrangsweg, kijken of stoppen, en welke kant
Waarom dit telt
Wie B4 en B5 verwisselt, kijkt op het kritieke moment de verkeerde kant op — precies de seconde waarin een auto van de andere kant kan invoegen. Wie B6 met B7 verwart en dus niet volledig stopt, rijdt door een kruispunt waar de wet stilstand eist, met alle gevolgen van dien bij een aanrijding.
Lees dit onderdeel apart: Waarom dit telt: Voorrangsborden B: voorrangsweg, kijken of stoppen, en welke kant
Bron: RVV 1990 art. 15 · gecontroleerd 2026-10-22
Veelgestelde vragen
‘Bord B4 (Voorrangskruispunt) waarschuwt voor een zijweg die van RECHTS komt; B5 waarschuwt voor een zijweg van LINKS’ – klopt dat?
Nee. B4 = zijweg LINKS, B5 = zijweg RECHTS
‘Op een B1-voorrangsweg heeft u altijd voorrang, op elk kruispunt tot het einde van de gemeente’ – klopt dat?
Nee. B1 geldt tot bord B2 (einde voorrangsweg) verschijnt, niet tot een gemeentegrens of voor onbepaalde tijd
‘Bord B6 (rode omgekeerde driehoek) verplicht u net als B7 om volledig te stoppen voordat u voorrang verleent’ – klopt dat?
Nee. B6 = verleen voorrang (geen stopgebod), B7 = stop + verleen voorrang
‘Haaientanden op het wegdek zijn alleen een visuele herinnering; de echte voorrangsregel volgt uitsluitend uit het bord ernaast’ – klopt dat?
Nee. Haaientanden hebben zelfstandig dezelfde betekenis als B6: voorrang verlenen aan bestuurders op de kruisende weg
‘Na bord B2 (einde voorrangsweg) rijd je op een zijweg en moet je verkeer van links én van rechts voor laten gaan’ – klopt dat?
Nee. B2 heft alleen de voorrangsweg op; zonder andere tekens geldt de hoofdregel: verkeer van rechts gaat voor, verkeer van links niet.